Chant de Médecine

De l’hôpital, vieille pratique,
Ma maîtresse est une putain
Dont le vagin syphilitique
Infeste le Quartier Latin.
Mais moi, vieux pilier de l’Ecole,
Je l’aime à cause de son mal,
Oui de son mal!
Nous somm’s unis par la vérole
Mieux que par un lien conjugal (ter).

Nous transformons en pharmacie
Les lieux sacrés de nos amours:
La valériane et la charpie
S’y manipulent tour à tour.
Tandis qu’avec de l’iodure,
Ma femm’ me fait des injections,
Des injections!
Avec du chlorur’ de mercure,
Moi je lui fais des frictions (ter).

Et quand viendra l’heure dernière,
Quand nous s’rons mangés des morpions,
Unis dans un dernier ulcère
Ad patres gaiement nous irons.
Nous adress’rons une supplique
Afin qu’nous soyons exposés,
Oui exposés!
Dans un musée pathologique
À la section des vérolés (ter).

 

Toelichting

Het Chant de Médecine (ook wel ‘De L’hôpital‘ naar de beginwoorden) is een lied dat onder de naam ‘Chanson de Lourcine’ voor het eerst op papier terug te vinden is in 1866. Het hôpital de Lourcine (eigenlijk de l’Ourcine de Saint-Marcel) was een oud middeleeuws ziekenhuis in de verlaten Saint-Marcel-buitenwijk van Parijs waar patiënten met syfilis onderdak kregen. Veel later, in 1836, opende Louis-Philippe I in een verlaten abdij een nieuw hôpital de Lourcine, ditmaal voor vrouwelijke patiënten met venerische ziekten – wat de oplettende lezer vast wel al opgevallen was wanneer hij de tekst doornam.

Het is een typisch chanson paillarde ofte vunzig liedje, in de traditie van de chansons de salles de garde - liedjes geschreven door studenten geneeskunde die  tijdens hun wachtdiensten al mijmerend en zingend de tijd verdreven. Oorspronkelijk heeft het lied acht strofen, aan de VUB echter zingt men er meestal maar drie. Interessant is te weten dat ook de Cercle de Médecine van de ULB en de Vlaamse Geneeskundige Kring van Gent dit lied als clublied hebben, weliswaar met significante verschillen in de manier waarop het gezongen wordt.

 

MP3

Ter illustratie deze opgenomen versie uit de Bacchus-opnames van de jaren ’50. Deze bevatten opnames van allerhande vunzige liedjes – op de hoes stond steevast in blokletters: “Disque interdit aux mineurs.  Audition interdite en public.

Zoals hierboven reeds geschreven heeft het nummer door tijd en ruimte heen enige veranderingen ondergaan. Aan de VUB zingen we het ingetogener en minder ‘leutig’, aan de ULB ligt het tempo wat hoger en in Gent is een groot deel van de oorspronkelijke melodie verloren geraakt en wordt het bijna gebruld.

 
© 1996- 2018